Blog: Het R-woord

‘Ik begrijp niet dat jij iemand op zijn gezicht wil slaan’. Mijn vriend was vrij direct in zijn oordeel toen ik hem vertelde dat ik op kickboksen zat. ‘Maar!’ Ik had wel zes argumenten om duidelijk te maken dat mijn sport oneindig veel meer is dan iemand op zijn bakkes slaan. Om mijn kameraad te overtuigen neem ik hem in dit verhaal mee naar de training.

Op teken van de Sensei stoten we met gewichtjes, eerst vooruit en dan omhoog, knieën optrekkend. Of we draaien met de armen zijwaarts gestrekt, kleine, geniepige rondjes. Een andere mogelijkheid is dat je buikspieroefeningen doet met gewichtjes. Al stotend kom je omhoog en zonder stoppen zak je terug in horizontale stand. Na een kwartiertje staat het zweet op mijn voorhoofd en ik heb nog niemand geslagen.

Conditie staat voorop. Zonder uithoudingsvermogen en een gezond lijf heb je niets aan die andere twee pijlers van de sport: techniek en een verantwoorde dosis agressie. We trekken de handschoenen en beenbeschermers aan en beginnen met instoten. Mijn maatje van deze avond krijgt te maken met mijn conditie, techniek en agressie. Wisselend stoot de een en verdedigd de ander en het is verstandig beide geconcentreerd te doen. Eigenlijk is het best  bijzonder om met een man of vrouw, ervaren vechter of nieuwe krijger zo fysiek bezig te zijn. Als je er over nadenkt, kan dat alleen omdat er wederzijds vertrouwen is.

Als je iemand met weinig ervaring treft is het geen kunst om te laten zien wat jij allemaal kunt. Het is doseren, incasseren en samen leren. Het r-woord, respect, dat krijgt hier de betekenis zoals bedoeld. We stoten vandaag op lichaam en hoofd en mijn maatje heeft ervaring en kracht. We zoeken samen de grens op. Twee stoten gevolgd door een knie, mawas of low kick, dit alles naar eigen inzicht. De klappen en trappen komen van alle kanten. Concentratie, wat doet de ander? Let op je dekking en wat is jouw reactie? Nou, nu even niets. Ik krijg een daverende stoot op mijn neus. Het vuurwerk is vroeg dit jaar. ‘Als je een klap krijgt is je verdediging niet goed’, zegt de Sensei en hij heeft gelijk, we gaan door.

Natuurlijk is het apart om iemand met je vuist te raken, terwijl je dat in het leven van alle dag niet in je hoofd haalt. Maar wat je tegenstander doet is in feite een reactie op jouw gedrag, jouw angst, je gebrek aan uithoudingsvermogen of je superieure techniek. Ik mag op de grond gaan liggen en inhaken met de benen van mijn maatje, we gaan de buikspieren trainen. En ook dat zijn geen dingen die ik veel met anderen buiten de sportschool doe.

Net als je denkt dat we gaan afronden heeft de Sensei nog een verrassing. We gaan rondjes rennen en vervolgens sprinten. Zo hard mogelijk. Nog even de hartslag verhogen. Daarna mogen we op de grond zitten en de les beëindigen. Ademen: neus in, mond uit en afgroeten  met een lichte buiging bij de leermeester. De verschillende maatjes geven elkaar een boks en bedanken voor de training. Respect is hier een werkwoord en geen loos begrip dat je te pas en te onpas gebruikt. Misschien kan de buitenwereld daar ook iets mee, dat zou volgens mij wel prettig zijn. Fijne feestdagen.

Ush

Arjen van Ginkel

Facebook Reacties

reacties

Er wordt zowel aandacht besteed aan de techniek als aan conditie en kracht. Ik voel mij fitter dan ooit. Ik kan oprecht zeggen dat het voor mij niet alleen maar een sport is maar een passie!!!
Natascha - Kickboksen